Wat betekent de CE-categorie voor boten eigenlijk?

Geplaatst door Bas Hoekstra

Ik ben een trouw lezer van jullie maandblad, maar na al die jaren ben ik er nog steeds niet in geslaagd om te weten te komen waar de CE-categorie voor boten voor staat. Ik weet dus wel wat een CE-label is en waarvoor het dient, maar, … kunnen jullie me vertellen wat de CE-categorieën A, B, C en D (of misschien nog andere?) voor boten precies betekenen? Ik heb begrepen dat het te maken heeft met de plaats (bijvoorbeeld zee, kust of binnenwater) waar je met je boot mag of kunt varen? Waar kan ik hierover meer te weten komen?

Antwoord

Met het één worden van Europa hebben de lidstaten destijds – vooral onder druk van de Fransen – besloten regels op te stellen voor nieuw te bouwen jachten om concurrentie vervalsing tegen te gaan, door uniforme eisen in verband met het vrije handelsverkeer. De eisen gelden voor pleziervaartuigen tussen de 2 en 24 meter, met uitzondering van kano’s, roeiboten, replica’s, wedstrijdschepen, demonstratie vaartuigen en experimentele vaartuigen. De ontwerpcategorie bepaalt feitelijk waar men zich met een vaartuig kan begeven: geen verzekeringsmaatschappij zal tot uitkering overgaan als er een voorval is onder omstandigheden waarvoor het schip geen CE certificaat heeft.

De ontwerpcategorieën zijn als volgt vastgelegd in de Europese Richtlijn voor Pleziervaartuigen: Categorie A: ontworpen voor lange reizen waarbij de windkracht meer dan 8 op de schaal van Beaufort kan bedragen en de golfhoogte meer dan 4 meter kan zijn zonder dat het schip daardoor in de problemen kan komen, bijvoorbeeld op de oceanen.

Categorie B: ontworpen voor zeereizen tot windkracht 8 op de schaal van Beaufort en een golfhoogte van maximaal 4 meter, bijvoorbeeld op zee. Categorie C: ontworpen voor het varen in kustwateren, riviermondingen, baaien, meren en rivieren tot en met windkracht 6 op de schaal van Beaufort en een golfhoogte van maximaal 2 meter, bijvoorbeeld beperkte kustvaart.

Categorie D: ontworpen voor de vaart in beschutte wateren tot windkracht 4 op de schaal van Beaufort en een golfhoogte van zo’n 0.3 tot 0.5 meter, bijvoorbeeld binnenwateren. Het noemen van een vaargebied (zonder de bijbehorende wind- en golfkarakteristieken) is riskant, omdat de omstandigheden op het Amsterdam-Rijnkanaal (toegestaan voor de lichtste categorie) wel eens zwaarder kunnen zijn dan op de Noordzee (de op één na zwaarste categorie).

Dat Motorboot zich in haar publicaties wél beperkt tot het noemen van het vaargebied, is uit praktische overwegingen. De aanduiding is dan ook slechts bedoeld als indicatie. Jachten langer dan 2 meter en korter dan 24 meter, in de vaart gebracht na 15 juni 1998, moeten aan de Nederlandse Wet Pleziervaartuigen voldoen. Werven zullen bij serie gebouwde schepen een zogenaamde conformiteit verklaring af kunnen geven, waarmee de producent in feite verklaart dat het geleverde product identiek is aan het product waarop een CE goedkeuring is afgegeven. Op gedeeltelijk afgebouwde jachten kan een zogenaamde III-a verklaring zijn afgegeven, dit beschrijft het geleverde per onderdeel. De constructie van een schip moet onder andere worden onderbouwd met constructietekeningen en -berekeningen, gebruikte materialen, beoogde gebruiksomstandigheden en stabiliteitsberekeningen. Aannames en jarenlange ervaring zijn onvoldoende. Een door een particulier met eigen handen gebouwd schip behoeft niet aan de Nederlandse Wet Pleziervaartuigen te voldoen. Een beperkende voorwaarde is dat het betreffende schip tot 5 jaar na het in de vaart nemen niet mag worden verkocht. Bij verkoop binnen de 5 jaar moet het schip onherroepelijk CE gekeurd worden en voldoen aan de Nederlandse Wet Pleziervaartuigen. In de praktijk blijken hier nog wel eens problemen te ontstaan. Zo is een geval bekend van een zeer goed gebouwd schip, dat was uitgerust met een door mensen zelf gereviseerde en gemariniseerde ex-truckmotor. Van deze motor waren natuurlijk geen CE-papieren voorhanden. Dat bleek een probleem toen de eigenaar het schip wilde verkopen. Bovendien bepaalde de CE-keurmeester dat de ramen, een deel van de elektrische bedrading en de tankvuldoppen zouden moeten worden vervangen. Veel werk en kosten, met daarbij nog een stapel papierwerk, tekeningen en certificaten waar niemand vrolijker van werd. De eigenaar besloot uiteindelijk nog maar een jaartje met het schip door te varen, tot de periode van 5 jaar voorbij was. Daarna kon hij het schip zonder CE-papieren verkopen. Ook zijn er in het verleden problemen geweest met kleine werven (vaak eenmansvaklieden), die het niet gewend waren om ineens hele technische dossiers en eigenaarshandleidingen te moeten maken. Met name door dit soort werven zijn er na 1998 dan ook nog schepen op de markt gebracht zonder CE goedkeuring. Bij eventuele calamiteiten kunnen met dit soort schepen grote problemen ontstaan, onder meer voor wat betreft de verzekering. De CE-norm geeft de koper van een pleziervaartuig enige zekerheid. Door de invoering van de Wet Pleziervaartuigen is de aanschafprijs van een jacht echter wél met gemiddeld 5 tot 10 procent gestegen. Bij het ministerie van verkeer en waterstaat kan een lijst met bedrijven worden opgevraagd die gespecialiseerd zijn in CE-keuringen. Ook de HISWA zal u waarschijnlijk verder kunnen helpen.

Frits Coers, Technisch medewerker Motorboot