We liggen in Weesp, waar we ons weer welkom voelen tegen een schappelijk tarief. Vorig jaar had de gemeente Amsterdam namelijk bedacht dat je hier alleen nog mocht aanmeren als je in bezit was van een vaarvignet (€ 43,-). Zelfs een ijsje halen met de boot kostte nog eens € 17,- extra, want voor overdag korte tijd afmeren moest ook worden betaald. Een nachtje blijven kostte zelfs € 33,-, dus boven op het verplichte vaarvignet. Dat dit geen heel gelukkig gekozen plan was, bleek al snel. Er meerde nauwelijks nog iemand aan en de ondernemers merkten dat direct. Uiteindelijk werd na veel kritiek de regeling toch weer teruggedraaid. Achteraf kun je je afvragen waarom niemand op het gemeentehuis dacht: leuk bedacht, maar laten we dit toch maar niet doen. Dit had je toch echt op je Hollandse klompen kunnen aanvoelen.
Om de ondernemers een hart onder de riem te steken overnachten we langs het groen. We betalen alsnog een tientje meer dan twee jaar geleden, maar ach, het blijft een goed tarief. Dat het hier niet stampvol ligt, zoals in het verleden, laat zien dat nog niet iedereen overstag is. We vinden een plekje aan het eind van de grasstrook, heerlijk rustig. Als de havenmeester langskomt krijgen we na de betaling een kortingkaart van de lokale horeca. Er wordt alles aan gedaan om het vaarvolk weer te enthousiasmeren om terug te komen.
Toch laat het protest van watersporters en ondernemers én het wegblijven van passanten ook iets anders zien. We leven in een tijd waarin bijna alles duurder wordt en als consument zijn we daar inmiddels wel aan gewend. Maar ergens ligt een grens...